Gooi & Vecht Historisch

Detail Archief

BestandsnummerSSAN052
Archiefcategorie1.1 algemeen plaatselijk bestuur
ArchieftitelArchieven van de gemeente Bussum
PlaatsBussum
Datering(1835) 1919-1989 (1995)
Omvang233 m
Statusinventaris
Overige opmerkingenZie voor de gedeponeerde archieven de desbetreffende archieftoegangen SSAN052.02 t/m SSAN052.24.
ArchiefdienstGemeentearchief Gooise Meren en Huizen
InventarisInventaris. Archieven van de gemeente Bussum, 1919-1989.

  •  Archieven van de gemeente Bussum (1835) 1919 - 1989 (1995)
    • A.    Korte geschiedenis van de gemeente Bussum  
      B.    Geschiedenis van het archief  
      C.    Geschiedenis van de gedeponeerde archieven  
      D.    Verantwoording van de inventarisatie  
      E.    Gebruikershandleiding
      F.    Literatuuroverzicht                        

      A.    Korte geschiedenis van de gemeente Bussum

      Bussum in de jaren 1919-1989 kenmerkt zich door een relatief rustige periode in de jaren twintig, een economische zware periode in de jaren dertig, gevolgd door de bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog en een periode van wederopbouw en groei in de daaropvolgende decennia. De jaren twintig begonnen met de benoeming van H. de Bordes als burgemeester van Bussum, die direct aan de slag ging met de voorbereiding van een gemeentelijke herindeling in het Gooi.1 Deze plannen leidden tot veel beroering in de gemeente en zijn uiteindelijk nooit gerealiseerd, maar werpen wel een goed beeld op de problematiek, die ook in de 21e eeuw nog steeds speelt, namelijk het gebrek aan ruimte. Kende Bussum in 1890 nog slechts 3618 inwoners, op 31 december 1919 waren dat er 18322, die nog steeds slechts een oppervlakte van slechts 812 hectare tot hun beschikking hadden. Pogingen tot grondgebiedsuitbreidingen in de richting van de buurgemeenten, met name van Hilversum (Hilversumse Meent), strandden, zodat gezocht werd naar uitbreiding van onder andere het aantal woningen door middel van het gemeentelijk Uitbreidingsplan Zuid (De Eng). Ook dit plan liep spaak door verzet van met name de betrokken grondeigenaren, die uiteindelijk in 1932 door de Kroon in het gelijk werden gesteld. Het zou tot 1938 duren vooraleer er een nieuw bestemmingsplan Zuid zou komen.

      Gelukkig werden er in de jaren tot de oorlog voor de inwoners wel binnen de gemeentegrenzen woningen en diverse andere voorzieningen gerealiseerd. Wegen en fietspaden werden aangelegd, een sterke uitbreiding van de riolering vond plaats, steeds meer huizen werden aangesloten op het gas-, waterleidings- en electriciteitsnet en aan de toenemende behoefte aan onderwijs kon worden voldaan door de bouw van diverse scholen. Kerken als de Koepelkerk, Spiegelkerk en Wilhelminakerk verrezen, een nieuw station Naarden-Bussum werd in 1926 geopend, het nieuwe politiebureau in 1929 en in 1924 opende het zwembad aan de Meerweg haar poorten. In de jaren 1920-1935 lieten gemeente en met name de diverse woningbouwverenigingen 544 arbeiderswoningen bouwen en konden particulieren maar liefst 2241 vrijstaande woningen en villa’s laten neerzetten. Na 1935 viel deze woningbouw sterk terug om pas weer na de oorlog op gang te komen.

      De jaren ’30 kenmerkten zich net als elders in Nederland ook in Bussum door een toename van de werkloosheid als gevolg van de wereldwijde depressie. Steeds meer inwoners waren aangewezen op ondersteuning door gemeente en armbesturen en werklozen werden in de werkverschaffing te werk gesteld via onder andere het Bussums Crisicomité. Bijkomend voordeel hiervan was wel dat er diverse infrastructurele werken tot stand kwamen, waaronder de Sportparken Zuid en Meerweg, sportvelden op de Laegieskamp, een viaduct over het spoor, het Willem Bilderdijkplantsoen, de rioolwaterzuiveringsinstallatie, het slachthuis en enkele gemeentegarages. Ook werd in de jaren 1939-1941 de haven van Bussum gedempt.

      Een minder positief verschijnsel van de werkloosheid was dat een partij als de NSB (Nationaal Socialistische Beweging) een relatief grote aanhang onder de bevolking wist te verkrijgen.

      De Tweede Wereldoorlog was voor Bussum, net als voor veel andere gemeenten in Nederland, een periode van stilstand en achteruitgang. Weliswaar leek het leven na de Duitse inval in 1940 normaal door te gaan, maar op velerlei terreinen bleek de Duitse bezetting tot ontwrichting van het bestaan van de Bussumers te leiden. De economische en sociale maatregelen van de bezetter en de inname van diverse openbare gebouwen en particulier bezit, zijn slechts enkele voorbeelden van de invloed die de oorlog op het leven in Bussum heeft gehad. Mannelijke inwoners werden in Duitsland te werk gesteld, Joodse inwoners en veel verzetsmensen werden opgepakt en verloren het leven. Andere inwoners verloren in de vijf oorlogsjaren haven en goed, terwijl er daarnaast ook enkele dodelijke slachtoffers van de oorlogshandelingen te betreuren waren. Op dinsdag 24 oktober 1944 vond in Bussum een grote razzia plaats waarbij niet minder dan 1000 mannen werden gedwongen zich te verzamelen bij het Sportpark Zuid om te werk te worden gesteld bij Arnhem, waar de Slag om Arnhem had gewoed. Gevolg van deze strijd was ook dat in dat najaar bijna 3000 evacués uit Noord-Limburg naar Bussum trokken.

      Na 5 mei 1945 kon Bussum met de wederopbouw van de gemeente beginnen. Woningen, openbare gebouwen en diverse nutsvoorzieningen werden hersteld en na korte tijd weer in gebruik genomen. Het onderwijs en de maatschappelijke zorg werden voortgezet en na enkele jaren kon de draad van de jaren dertig weer worden opgepakt. De jaren '50 kenmerken zich vervolgens door een voorzichtige (economische) groei die pas in de jaren '60 echt gestalte kreeg. Ook verrezen er weer nieuwe woonwijken en diverse openbare gebouwen; in 1948 werden de eerste 146 nieuwe woningen in De Eng opgeleverd als de eerste van in totaal 2777 woningen die in de jaren tot 1960 werden gebouwd. In de jaren ’60 werd Bussum qua woningen uitgebreid in de richting van Hilversum. Ook konden sport- en culturele verenigingen zich in een toenemende belangstelling verheugen - zo werd in 1968 een nieuw Sportfondsenbad gebouwd - en begon de recreatie grotere vormen aan te nemen. Bussum had na de oorlog geen grote bedrijven meer binnen zijn gemeentegrenzen, behalve de Kolonel Palmkazerne van de Landmachten langs het spoor het complex van de cacaofabriek Bensdorp.

      Een belangrijke industrie die in Bussum startte is die van de Televisie. Op 2 oktober 1951 begon de landelijke introductie van televisie in Nederland vanuit Studio Irene. Bussum was in de twintig jaar daarna hét centrum van de televisie in ons land, om daarna die plaats aan Hilversum af te moeten staan. Diverse gebouwen waaronder ’t Spant waren tot in de jaren ’70 in gebruik voor televisie-uitzendingen.

      In 1966 bereikte Bussum een inwonertal van maar liefst 42.074. De jaren ’70 en ’80 kenmerken zich door een relatieve rust. Weliswaar waren ook hier diverse maatschappelijke ontwikkelingen gaande en roerde met name de PSP zich in de gemeenteraad, maar tot grote beroering hebben deze acties nooit geleid. Bussum begon zich steeds meer te richten op de buurgemeenten en kon door de samenwerking binnen het Gewest Gooi en Vechtstreek een deel van haar taken overdragen. De groei van randgemeenten als Hilversum, Huizen en het verderop gelegen Almere zorgde wel voor het vertrek van een deel van de bevolking en een langzame afname van het inwonertal tot 31.748 in 1989.

      Organisatie van het bestuur en de administratie
      Het gemeentebestuur bestond in de periode 1919 – 1989 uit de gemeenteraad en de daaruit benoemde commissies en het college van burgemeester en wethouders. In totaal zeven burgemeesters heeft de gemeente in deze periode gekend.2
      De uitvoering lag bij de ambtelijke organisatie onder leiding van de gemeentesecretaris en een aantal diensten en bedrijven. In deze zeventig jaar zien we dat de taak van de administratie groeit en de uitvoering door diensten en bedrijven steeds meer wordt belegd bij de secretarie.

      In 1919 zag de gemeentelijke organisatie er als volgt uit:

       

      • I.    Gemeenteraad met 15 commissies, het college van zetters en de ambtenaren van de Burgerlijke Stand. Vanuit de raad werden regelmatig tijdelijke commissies in het leven geroepen met een bijzondere opdracht terwijl de vaste commissies vaak tientallen jaren bleven bestaan en slechts van naam veranderden.3
      • II.    Het college van burgemeester en wethouders
      • III.    De secretarie.4 In 1919 waren er 26 secretariemedewerkers, verdeeld over een aantal afdelingen, waaronder Algemene Zaken, Personeelszaken, Financiën en Bevolking. In 1944 ontstond de afdeling Comptabiliteit en belastingen en in 1946 de afdeling Onderwijs. In 1966 bestond de secretarie uit de volgende afdelingen:
      • I. Algemene Zaken
      • II. Financiën
      • III. Onderwijs en Personeelszaken
      • IV. Bevolking
      • V. Comptabiliteit en Belastingen     

       

      In de jaren ’70 kwam hier de afdeling Ruimtelijke Ordening bij (1975) en splitste Onderwijs zich af van Personeelszaken en kreeg daar Sport als taak bij. In 1983 werd de afdeling Bevolking Burgerzaken genoemd en Personeelszaken werd in 1987 Personeel & Organisatie.

       

      • IV.    De Politie. Tot de uiteindelijke opheffing van de gemeentepolitie in 1993 heeft het korps in Bussum bestaan.
      • V.    Dienst Gemeentewerken en Reinigingsdienst. Deze dienst werd in de dertiger jaren gesplitst in twee afzonderlijke diensten, om in 1977 één dienst Gemeentewerken te worden.
      • VI.    Openbare Scholen, de Handelsavondschool, Teekenschool en Herhalingsschool
      • VII.    De Gemeentelijke Gasfabriek. De gasfabriek van Bussum produceerde tot 1956, waarna het gas van de gemeente Hilversum werd betrokken. Het Gasbedrijf, later aangevuld met de Centrale Antenne Inrichting (CAI), bleef bestaan.
      • VIII.    Het Gemeentelijk Electriciteitsbedrijf. Dit bedrijf bestond tot 1942, toen het werd overgedragen aan het Provinciaal Electriciteitsbedrijf Noord-Holland
      • IX.    Het Gemeentelijk Slachthuis- en Keuringsbedrijf, later Keurings- en Slachthuisdienst. In 1977 werd deze dienst de Vleeskeuringsdienst die tot 1984 zou bestaan.
      • X.    De Gemeentelijke Dienst der Arbeidsbemiddeling en Werkloosheidsverzekering. Deze bestond tot 1940 toen de Dienst voor Sociale Zaken de taken overnam. Deze laatste zou in 1966 overgaan in de Sociale Dienst
      • XI.    De Brandweer. Evenals de politie bestond dit korps nog in 1989.
      • XII.    Het Burgerlijk Armbestuur. Deze instelling werd in 1935 opgeheven en opgevolgd door de Gemeentelijke instelling voor maatschappelijk hulpbetoon, die in 1966 opging in de Sociale Dienst.
      • XIII.    Het Gemeentelijke Levensmiddelenbedrijf en Groentenbedrijf. In 1919 werd dit bedrijf omgedoopt tot de Gemeentelijke Groentenveiling die tot 1925 zou bestaan.
      • XIV.    Diverse betrekkingen, te weten:
      • a.    Geneesheer
      • b.    Vroedvrouw
      • c.    Deurwaarder
      • d.    Brugwachter
      • e.    Havenmeester
      • f.    Badmeester
      • g.    Doodgraver

       

      Veel van deze functies gingen na verloop van tijd onderdeel uitmaken van de secretarie of een tak van dienst.

      In de periode 1919-1989 kwamen hier de volgende diensten en bedrijven bij:

       

      • XV.    De gemeentelijke Geneeskundige en Gezondheidsdienst (GGD). De GGD werd in 1919 opgericht en zou bestaan tot in de jaren ’70 toen de taak gewestelijk werd opgepakt.
      • XVI.    De gemeentelijke Ophaal- en Stortingsdienst. Bestond van 1925 tot 1939.
      • XVII.    De Centrale kas. In de oorlog, 1944, opgericht en bestaand tot 1970.
      • XVIII.    De Gemeentelijke Accountantsdienst. Opgericht in 1965 en opgeheven in 1989.
      • XIX.    De Economische en administratieve dienst. Bestond vanaf 1971.
      • XX.    Het Grondbedrijf. Opgericht in 1919 bleef het Grondbedrijf tot 1988 bestaan
      • XXI.    Het Woningbedrijf. Dit bedrijf, opgericht in 1920, bestond tot 1989, maar was toen onderdeel van Dienst Gemeentewerken
      • XXII.    De Plantsoenendienst. Was vanaf 1981 een afzonderlijke tak van dienst
      • XXIII.    De Distributiedienst, opgericht in 1939, bleef tot 1949 bestaan.


      Huisvesting

      Het gemeentebestuur en de gemeentelijke functionarissen, gehuisvest en werkzaam in het raadhuis en diverse andere gemeentelijke gebouwen, hebben in die zeventig jaar hun rol in het dagelijkse leven van Bussum sterk zien (en laten) groeien. Gestart in het raadhuis van J. F. Everts aan de Raadhuisstraat noopte de sterke groei van het ambtelijk apparaat tot de nieuwbouw van het gemeentehuis aan de Brinklaan. Al in 1961 kon de eerste vleugel van het gemeentehuis, waarvan de bouw in 1960 was gestart, worden betrokken. In 1974 was het gehele gebouw, naar een ontwerp van C.Wegener Sleeswijk, gereed en kon feestelijk worden geopend.

      De neerslag van de handelingen van het ambtelijk apparaat over de periode 1919 -1989 is in de hiernavolgende inventaris van het (secretarie)archief terug te vinden.

       
      B.        Geschiedenis van het archief


      Archiefordening
      Het archief van de gemeente Bussum uit de periode 1919-1989 werd gevormd onder het beheer van de gemeentesecretaris. De archiefstukken werden vanaf 1 januari 1919 geordend volgens het decimale registratuurstelsel van het Nederlandsche registratuurbureau van J.A. Zaalberg. Met ingang van 1922 werd dit stelsel overgenomen door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en gedurende de gehele periode toegepast. De stukken werden voorzien van een decimale classificatie en zaaksgewijs in dossiermappen opgeborgen.

      De basisgedachte van de zaaksgewijze ordening is dat de ordening van de stukken zodanig dient te zijn, dat de op één zaak betrekking hebbende stukken ook in het archief bijeen gehouden worden. Niet altijd zal er echter sprake zijn van een zaak; ook losse stukken komen voor. Dergelijke stukken dienen dan naar het onderwerp, het object of de persoon, waarop ze betrekking hebben, bij elkaar te blijven. Het geheel van deze op bovenvermelde wijze in mappen bij elkaar gehouden stukken (eenheden) wordt vervolgens geplaatst in een door het registratuurplan aangegeven systematische volgorde. De volgorde van de onderwerpen is vastgelegd in een stelsel van decimale codegetal¬len, die ook worden gebruikt om kortweg de onderwerpen aan te duiden. Het registratuurplan maakt een strenge scheiding tussen onderwerpen betreffende het organisme en het personeel en die betreffende de taken, waarvoor die orgaan zich gesteld zien.

      Het archief van het gemeentebestuur over de periode 1817 – 1918 werd met de invoering van het registratuurstelsel afgesloten en in 1993 overgebracht naar de archiefbewaarplaats van de gemeente in casu het stads- en streekarchief Naarden.5

      Archiefzorg
      Het archief werd vanaf 1919 gevormd en bijgehouden door de commies ter secretarie der 2e klasse, de heer P. Knöps, chef van de afdeling Algemene Zaken, en zijn opvolgers van de afdeling registratuur, later bureau interne zaken. Het was tot 1961 gehuisvest in het oude raadhuis aan de Raadhuisstraat en na die datum in het nieuwe gemeentehuis aan de Brinklaan. Vrijwel het gehele archief en de diverse gedeponeerde archieven bevonden zich bij aanvang van de inventarisatiewerkzaamheden in de gemeentelijke archiefruimte in de kelder van het gemeentehuis. De hinderwetvergunningen berustten bij de afdeling Vergunning & Handhaving en uit de paternosterkast bij bureau Documentaire informatievoorziening zijn nog diverse dossiers inzake aangelegenheden uit de betrokken periode gelicht en bewerkt.

      C.        Geschiedenis van de gedeponeerde archieven

      Naast de archieven van de gemeente over de periode 1919-1989 bevatte de archiefruimten van het gemeentehuis van Bussum in 2004 nog een twintigtal archiefbestanden van zowel gemeentelijke diensten als andere overheidsinstellingen, organisaties en personen, die hetzij op grond van de Archiefwet hetzij uit historisch oogpunt voor overdracht naar het Stads- en streekarchief in aanmerking kwamen. Het zijn de volgende archieven:

      Gemeentewerken Bussum 1921-198. Zie SSAN052.02, inv.nrs 7196 – 7225.  
       De dienst Gemeentewerken ook wel Openbare Werken was een van de diverse gemeentelijke diensten die vanaf het begin van de jaren ’20 decentraal hun archief beheerden. Na de opheffing van de dienst aan het einde van de jaren ’80 is dit archief – achteraf gezien ten onrechte – als gedeponeerd archief beschouwd en als zodanig beschreven. Het archief dient dan ook in combinatie met de dossiers uit het secretariearchief (Rubriek 5.01 Dienst Gemeentewerken, inv.nrs. 3058-3088) te worden bestudeerd.

      Centrale Keuken 1942-1946. Zie SSAN052.03, inv.nrs 7274-7289
      Al kort na het begin van de Tweede Wereldoorlog is in Bussum de Centrale Keuken opgericht waar maaltijden voor de behoeftige burgers werden bereid en uitgedeeld. De rol van de gemeente is terug te lezen in rubriek 5.25 inv.nrs 3507-3510. Dit archief betreft vooral bescheiden inzake de uitvoering die bij de Centrale Keuken werden bijgehouden. Het archief begint in 1942 en liep door tot in 1946, toen de voedselvoorziening voor de inwoners weer op peil was en de Centrale Keuken werd geliquideerd.

       

      Vrijwillige Brandweer 1944-1988. Zie SSAN052.04, inv.nrs 7290-7305.
      De vrijwillige brandweer van Bussum, opgericht in 1899, bestond al 20 jaar in het jaar dat het archief van de gemeente over de periode 1817-1918 werd afgesloten. In het gemeentelijk archief over de periode 1919-1989 (rubriek 5.16 inv.nrs. 3358-3399) treft u ook de neerslag van de bemoeienis van de gemeente met de eigen brandweerorganisatie aan. In dit gedeponeerde archief over de periode 1944-1988 bevinden zich vooral notulen van vergaderingen, brand- en uitrukrapporten en overzichten van brandmeldingen.

      Bescherming Bevolking 1954-1961. Zie SSAN052.05, inv.nrs 7306 - 7313. 
      Van het archief van de Bescherming Bevolking (BB) zijn slechts de grootboeken bewaard gebleven. Informatie over deze organisatie treft u aan in het archief van de gemeente onder rubriek 6.06.01 Bescherming en hulpverlening bij rampen, ongevallen en geweld (inv.nrs 4971-5017)    

      Distributiekring Bussum/Weesp 1926 - 1949. Zie SSAN052.06, inv.nrs. 7314 – 7333. 
      De distributiekringen in Bussum en Weesp werkten in de periode 1926 tot 1949 nauw samen. Ook bestond er in de afzonderlijke gemeenten een Distributiedienst. Dit resulteerde uiteindelijk in een archiefbestand dat een plek vond in het gemeentehuis van Bussum. Bij de inventarisatie werd duidelijk dat er drie administraties werden gevormd, die als afzonderlijke eenheden zijn beschreven.

       

      Distributiekring Bussum 1939-1952. Zie SSAN052.07, inv.nrs. 7334 - 7777. 
      De overeenkomstige bescheiden over de bemoeienis van de gemeente met de Distributiedienst Bussum  treft u aan onder de inventarisnummers 3486    -3491. De distributie van diverse goederen in deze jaren zijn te vinden onder de nummers 5950–5963 en 6281-6285. 

      Distributiekring Weesp 1940-1946. Zie SSAN052.08, inv.nrs. 7778- 7791. 

      Woningbouwverenigingen

      Woningbouwvereniging Onze Woning 1929-1933. Zie SSAN052.09, inv.nr. 7936. 
      De neerslag van deze woningbouwvereniging is summier, slechts één inventarisnummer. Zie ook inv.nr 4081 waarin de gemeentelijke goedkeuring van de statuten, het huurreglement en het huishoudelijk reglement van Onze Woning is te vinden.

      Middenstandswoningbouwvereniging Bussum  1918-1944. Zie SSAN052.10, inv.nrs 7904-7935. 
      Eveneens in 1918 opgericht heeft deze vereniging tot in 1944 een eigen administratie gevoerd. In het secretariearchief, inv.nr. 4077 bevindt zich nog een stuk uit 1955.

      Woningbouwvereniging De Goede Woning 1916-1944. Zie SSAN052.11, inv.nrs 7842 - 7854. 
      Opgericht in 1916 heeft De Goede Woning altijd een eigen administratie gevoerd, waarvan de bewaarde neerslag in 13 nummers is bewaard en het jongste stuk dateert uit 1944. In het secretariearchief bevinden zich 2 dossiers inzake deze woningbouwvereniging, te weten nummers 4074 en 4075. Hieruit blijkt dat De Goede Woning ook na 1944 bleef voortbestaan.

      Coöperatieve Bouwvereniging Eigen Haard 1918-1943. Zie SSAN052.12. inv.nrs 7855 - 7903. 
      Opgericht in 1918 heeft Eigen Haard een eigen administratie gevoerd tot 1943. In het secretariearchief bevindt zich 1 dossier inzake deze woningbouwvereniging, te weten nummer 4076. Hieruit blijkt dat Eigen Haard ook na 1943 is blijven bestaan.

      Vrouwenadviescommissie voor de Woningbouw 1958-1971. Zie SSAN052.13, inv.nr. 7937. 
      Van deze adviescommissie zijn diverse vergader- en jaarverslagen bewaard gebleven. Uit inventarisnummer 3896 blijkt verder dat de VAC ook al in 1955 bestond.

      Noodziekenhuis De Rozenboom 1944-1945. Zie SSAN052.14, inv.nrs 7938 - 7949. 
      Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog richtte de gemeente een noodziekenhuis in in een gedeelte van Hotel De Rozenboom aan de Brinklaan 86. Via verordeningen en instructies en de bemiddeling van het Bussum evacuatiecomité werd de nood van evacués en andere oorlogsslachtoffers gelenigd. De opvang duurde tot eind 1945, toen het hotel zijn oorspronkelijke bestemming weer terugkreeg.
      Over de bemoeienis van de gemeente is in de inventarisnummers 6338-6341 ook nog het nodige te lezen.

      Stichting Koningslaan 1955-1961. Zie SSAN052.15, inv.nr 7950. 
      De Stichting Koningslaan was eigenaar van het flatgebouw Koningsbos aan de Boslaan, die de gemeente in 1980 in eigendom en beheer overnam (zie inv.nrs. 97-99).

      Gemeentelijk Studiefonds 1920-1983. Zie SSAN052.16, inv.nrs. 7951 – 7959. 
      Het gemeentelijk Studiefonds, ingesteld in 1920, verstrekte studiegelden en tegemoetkomingen aan leerlingen uit Bussum tot 1982.
      In de inventarisnummers 6435-6437 is de gemeentelijke bemoeienis terug te vinden.

      Muziekschool Gooi en Vechtstreek (1962) 1972-1997. Zie SSAN052.17, inv.nrs 7960 – 8089. 
      Zie SSAN052.19
      In 1972 werd de streekmuziekschool voor Gooi Noord Toonkunst Jan Nieland opgericht, waarin  de gemeenten Bussum, Huizen, Muiden en Naarden deelnamen. Zeventien jaar later in 1989 werd hiervoor de gemeenschappelijke Regeling voor Muziekschool Gooi en Vechtstreek in het leven geroepen, die tot 1997 bleef bestaan.
      Dit archief bevat ook de gedeponeerde archieven van de Stichting muziekschool Jan Nieland over de periode 1968-1973 en de Maatschappij ter bevordering der Toonkunst afdeling Bussum en omstreken over de jaren 1962-1974. Zowel Stichting als Maatschappij gingen op in de streekmuziekschool.

      Bussumse Zwemvereniging 1921-1946. Zie SSAN052.20, inv.nrs. 8090 - 8114. 
      De eerste plannen voor een gemeentelijk zwembad in Bussum werden voorbereid door het comité 'Plan tot stichting van een bad- en zweminrichting te Bussum' Hiervan zijn de verslagen bewaard gebleven over het tijdvak 5 juli 1921 t/m 18 januari 1922. De eerste bestuursvergadering van de Bussumse Zwemvereniging vond plaats op 18 januari 1922. Het zwembad aan de Meerweg werd in 1924 geopend. De vereniging werd in 1941 geliquideerd.
      In het secretariegedeelte van het archief, onder de nummers 7107 – 7111 is ook over de rol van de gemeente het nodige te raadplegen.

      NV Sportfondsenbad Bussum 1967-1989. Zie SSAN052.21, inv.nrs. 8115 - 8135. 
      Het gemeentelijk zwembad aan de Meerweg was gesticht in 1924. In de jaren ’60 begon de gemeente plannen te ontwikkelen voor een zwembad in de nabijheid van de Zandzee. In 1967 begon de bouw van een nieuw Sportfondsenbad op deze locatie. Hiervoor werd in 1966 de Stichting NV Sportfondsenbad opgericht, waarin de gemeente vertegenwoordigd was. De inventarisnummers 7112-7126 bevatten de neerslag van het gemeentelijk handelen ten aanzien van het Sportfondsenbad.

      Archief van Henri David van Leeuwen en Rita van Son 1924-1937. Zie SSAN052.22, inv.nrs 8136 - 8161. 
      Het betreft stukken van en over het echtpaar Henri ('Hans') David van Leeuwen en Rita van Son. Dit particuliere archief is om onbekende redenen bij de gemeente terecht gekomen. Aangezien het een Joodse familie betreft is de collectie aan stukken wellicht in de oorlog aan de gemeente vervallen of is materiaal in bewaring gegeven. Nader onderzoek in het archief zou dit wellicht kunnen uitwijzen.

      Gemeentelijke Gasfabriek Huizen 1896-1971. SSAN052.24, inv.nrs 7226 – 7273.
      Het archief van de gemeentelijke gasfabriek leek in eerste instantie een aanvulling op dat van de gasfabriek Bussum te zijn, zoals beschreven onder rubriek 5.06, inv.nrs. 3164 – 3235), maar gedurende de inventarisatie werd duidelijk dat het toch om een andere archiefvormer ging. Onbekend is hoe dit materiaal in Bussum terecht is gekomen. Aangezien het Stads- en streekarchief Naarden ook de archieven van Huizen beheert is besloten dit archief te beschrijven en naar Naarden over te dragen.

      D.        Verantwoording van de inventarisatie

      Op 4 november 2004 ontving het bureau Van Heijst Information Consulting (VHIC) te Rijswijk de opdracht van de gemeente Bussum tot het saneren en inventariseren van de archieven van de gemeente Bussum over de periode 1919 – 1989. Vanaf eind november 2004 tot juli 2006 hebben diverse medewerkers van dit bureau de archieven geschoond, geordend en beschreven.

      Het archief is afgesloten in het jaar 1989 om te voldoen aan de eis van de Archiefwet om archiefbescheiden na twintig jaar over te brengen naar de archiefbewaarplaats om daar openbaar te kunnen laten raadplegen. De caesuur is aangebracht in het jaar 1990, zodat op termijn ook het archiefgedeelte 1990-1999 kan worden overgebracht naar de archiefbewaarplaats. Gedurende de bewerking zijn ook de dossiers uit het dynamisch archief van de gemeente uit de periode tot 1990 geïnventariseerd. Dossiers die een looptijd hebben die start vóór 1990 en doorlopen tot na die periode zijn van bewerking uitgezonderd indien de kern van de zaak na 1989 lag. Was bijvoorbeeld een besluit in een zaak al vóór 1990 genomen, maar bevonden zich nog uitvoeringsbescheiden van na die tijd in het dossier dan is het in de voorliggende inventaris opgenomen. Vandaar dat de looptijd van het archief zich uitstrekt tot 1995.
      Archiefbescheiden die niet in het secretariearchief 1919-1989 thuis hoorden zijn opgenomen in een van de overige archiefbestanden of toegevoegd aan het archief van de gemeente Bussum over de periode 1813-1918 of het archief van de gemeente over de periode van na 1989. In het verleden foutief geordende of geplaatste dossiers zijn herordend of verplaatst, terwijl de oorspronkelijke omschrijvingen van de dossiers veelal zijn vervangen.

      Het 'archiefblok 1919-1989' was toegankelijk door middel van een dossierinventaris, die zowel in papieren vorm als via het databaseproramma DBText te benaderen was. Gedurende de bewerking van het archief is de gehele inventaris herzien en vormt de nu voorliggende beschrijvende inventaris in digitale vorm de nieuwe toegang op het archief. De inventaris is opgemaakt met behulp van het programma Excel en aan het einde van het bewerkingstraject omgezet naar DBText, waardoor het op de studiezaal voor de bezoeker is te raadplegen.

      Het beschreven archiefgedeelte heeft grotendeels betrekking op de secretarie, maar bevatte tevens diverse archieven van gemeentelijke commissies, diensten, bedrijven en instellingen en een aantal gedeponeerde en in bewaring gegeven archieven. Op deze bestanden bleken in veel gevallen geen toegangen of slechts summiere plaatsingslijsten te bestaan. Ook deze archiefbestanden zijn nader toegankelijk gemaakt door middel van een beschrijvende inventaris en opgenomen in deze verzamelinventaris. In totaal 20 archieven, uit globaal de periode 1896 - 1997, zijn na overleg met de heer Medema in de inventaris opgenomen.

      Het oudste in het archief aangetroffen stuk betreft een register van de inschrijving van overledenen op de Rooms Katholieke begraafplaats St. Vitus over de periode 1835-1920.6 De meest recente stukken dateren uit 1998 en betreffen bescheiden inzake enerzijds een gerechtelijke procedure rondom de automatisering van de gemeentelijke administratie en anderzijds de aankoop van percelen grond aan de Meentweg, de Meerweg en Koningslaan ten behoeve van een wegverbreding.7

      Op het moment dat de medewerkers van VHIC met de inventarisatie begonnen hadden de archieven een omvang van ruim 521 meter, waarvan de zaaksgewijs gevormde dossiers van de secretarie het leeuwendeel uitmaakten (277 meter).

      De uitvoering vond plaats in nauwe samenwerking met mevrouw L. de Boer, hoofd facilitaire zaken, de heer J. Westland, teamleider documentaire informatievoorziening (DIV) en de heer A. Medema in zijn hoedanigheid als gemeentearchivaris. Maandelijks voerden zij met VHIC overleg over de voortgang van het project, de wijze van bewerking en selectie. Gedurende de uitvoering hebben ook diverse andere medewerkers van de afdeling DIV ondersteuning geboden, met name mevrouw Rita Bartelink en de heer Philip Stoffels.

      In mei 2006 is de inventarisatie van de archieven afgerond en zijn alle omslagen en dozen gestickerd, waarna het archief in juli 2006 is verhuisd naar het Stads- en streekarchief Naarden.
      Alle dossiers zijn ontdaan van ongerechtigheden als nietjes, paperclips en plastics en verpakt in zuurvrije omslagen en/of dossiermappen en archiefdozen. Zichtbare schade aan archiefbescheiden is niet aangetroffen, zodat restauratie van archiefbescheiden vooralsnog niet noodzakelijk is.

      In juli 2006 is ook de definitieve verzamelinventaris aangeboden aan de gemeente en de heer Medema. Op basis van de opmerkingen van gemeente en gemeentearchivaris zijn in de daaropvolgende periode de structuur van de verzamelinventaris en diverse beschrijvingen aangepast en is de inleiding op de inventarissen geschreven. Tevens heeft een conversie van de in Excel opgemaakte inventaris naar het programma DBtext plaatsgevonden. Na de definitieve goedkeuring van inventaris en inleiding heeft de officiële overdracht van de archieven door de gemeente aan het Stads- en streekarchief Naarden plaatsgevonden.

      Vernietiging
      Al gedurende het beheer van het archief zijn diverse dossiers en bestanddelen verwijderd aan de hand van de gemeentelijke vernietigingslijst uit 1983.8 Onbekend is hoeveel meter aan archiefbescheiden toen voor vernietiging zijn geselecteerd. De verantwoording ervan is vanaf 1942 vastgelegd in zogenaamde verklaringen van vernietiging, die in de inventaris zijn opgenomen.9 De aangetroffen archieven van de gemeente zijn in de periode 2004-2006 verder geschoond op basis van de gemeentelijke vernietigingslijst. In het algemeen is minder vernietigd dan volgens de lijst strikt geoorloofd zou zijn. Voor de plaatselijke geschiedenis interessante archiefbescheiden zijn van vernietiging uitgezonderd. Voorbeelden hiervan zijn de overzichten van geleden schades door personen en aan woningen en gebouwen tijdens en kort na de Tweede wereldoorlog en alle hinderwetvergunningen.

      Eindresultaat
      Na de bewerking bedraagt de uiteindelijk omvang van het archief 235 meter. Hierin zijn de bouwdossiers (c.q. de bouwvergunningen) uit de periode vanaf 1903, de registers van de Burgerlijke Stand en de bevolkingsregisters en de kadastrale leggers niet opgenomen. In overleg met de heer Medema is besloten de beschrijvingen van deze series wel in de inventaris te incorporeren, aangezien ze deel uitmaken van het archief van de gemeente. In hoofdstuk G van deze inleiding treft u een uitgebreide beschrijving van deze bestanden aan. De al voor 2004 naar het stads- en streekarchief overgebrachte notulen van de gemeenteraad over de periode 1904-1985 en van het college van burgemeester en wethouders zijn ook in de inventaris terug te vinden.10

      Openbaarheid
      Na voltooiing van de inventarisatiewerkzaamheden zijn het secretariearchief en de diverse gedeponeerde en in bewaring gegeven archieven formeel overgedragen naar de gemeentelijke archiefbewaarplaats in het Stads- en streekarchief Naarden. Op grond van de Archiefwet 1995 betekent dit dat de archiefbescheiden ook automatisch openbaar zijn en voor eenieder kosteloos te raadplegen.

      Beperkingen aan de openbaarheid zijn slechts gesteld aan persoonsdossiers, de registers van geboorten, huwelijk en echtscheiding en overlijden van het archief van de ambtenaar van de burgerlijke stand. Dit wordt bij de desbetreffende archiefstukken vermeld.
       
      E.        Gebruikershandleiding

      In de voor u liggende inventaris is de zaaksgewijze ordening conform het registratuurstelsel van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten gehandhaafd op grond van het zogenaamde structuurbeginsel. Deze ordening houdt een bepaalde indeling van het archief in, die er in hoofdlijnen als volgt uitziet: allereerst komt in de rubriek 1 de organisatie van de gemeente zelf aan de orde, met daarin onderwerpen als gemeentelijke eigendommen, financiën, openbare gebouwen en het bestuur (rubrieken 1.01 t/m 1.09). Vervolgens komt het hoofdstuk over het gemeentelijk personeel aan bod (rubriek 2), gevolgd door de bescheiden inzake de bemoeienis met Provincie, Rijk en Koninklijk Huis (rubrieken 3 en 4). In rubriek 5 treft u de diverse gemeentelijke diensten, bedrijven en instellingen aan. De eigenlijke taakuitvoering van de gemeente zoals openbare orde, maatschappelijke zorg, onderwijs en landsverdediging staan in de rubrieken 6 (6.1 t/m 6.15). Rubriek 7 bevat de neerslag van het handelen van de verschillende gemeentelijke commissies en comités uit deze periode en in rubriek 8 ten slotte staan de twintig gedeponeerde archieven.

      Het gehele rubriekenschema treft u aan in de digitale toegang op het archief.
      Indien u een bepaald onderwerp zoekt kunt u gebruik maken van de hoofdindeling van het archief, zoals opgenomen in het rubriekenschema, maar u kunt ook rechtstreeks zoeken met behulp van vrije woordkeus.

      Bij de beschrijving van de te inventariseren archiefeenheden is de uiterlijke vorm in principe niet vermeld. Het betreft in alle gevallen één omslag, tenzij anders is vermeld. Wel is bij de beschrijving het volgende onderscheid gemaakt tussen:
      1.        eigenlijke dossiers; dit betreft combinaties van stukken die betrekking hebben op één zaak waarvan de stukken in één omslag zijn gehecht (bij zeer omvang¬rijke zaken worden meerdere omslagen gebruikt waarin een chronologische onderverdeling is aangebracht of een verdeling is aangebracht of een verdeling naar de aspecten van de zaak).

      2.        Een ander te beschrijven soort archiefeenheid is een oneigenlijke dossier¬vorm, het zogeheten verzameldossier. Hieronder dient een omslag te worden verstaan, waarin zich archiefbescheiden bevinden die betrekking hebben op een bepaald onderwerp, object of persoon. In een verzameldossier kunnen dus een aantal zaken, onderling gescheiden, bij elkaar zijn gevoegd. Een bijzonder soort verzameldossier is de archiefeenheid, die in de oudere archieven werden aangeduid als series of reeksen. De omschrijving van deze series begint met de aard van de stukken, die tot een reeks zijn gebracht. Zo zijn er reeksen verslagen, begrotingen en rekeningen, vergunningen.


       
      F.    Literatuurlijst

      (Zoals aanwezig in de bibliotheek van het Stads- en Streekarchief Naarden)

      Plaatsingsnummer; Titel

      B 00/30        Uit Bussums Verleden. Samenvatting op de artikelen van Ary van Bussum (1947- 1953)

      B 05/55        Buitengewoon Bussum. Van boerengehucht tot villadorp, 1306 - 1914. Paul Schneiders, Bussum 2005

      B06/48         Buitengewoon Bussum. Een villadorp in benarde tijden, 1914-1945. Paul Schneiders, Bussum 2006

      B 92/91        In Bussum kan alles… . Van dorp tot poort van het Gooi, 1817 / 1992. samengesteld door de vereniging historische kring Bussum ter gelegenheid van het 175-jarig bestaan van de gemeente Bussum. Zaltbommel 1992

      B 89/166      Jong Leven in een oude dorpskern. De jaren 1907-1925 uit mijn levensverhaal door A.C.J. de Vrankrijker. Zeist 1977

      B97/75         Dorp met de groene Spieghel. Honderdvijftig jaar Bussum. J. Bruineman/Kaarsgaren en C.D. van Vliet. Hilversum 1966

      B88/179       150 jaar Bussum. W.J. Rust en S.G. Zwart. Bussum 1967

      Noten:

      1 Archief Bussum 1919-1989. Inventarisnummer 7
      2 Lijst van burgemeesters 1919-1989
      1919 – 1939        H. de Bordes
      1939 – 1942        J. Fernhout
      1942 - 1945        G. Nieuwenhuijs
      1945 - 1949        J. Fernhout
      1949 - 1965        J.C. Haspels
      1966 - 1974        A. Admiraal
      1974 - 1975        I.H. de Zeeuw
      1975 - 1985        J. Aantjes
      Vanaf 1985        W.J.M. Holthuizen
      3 Een overzicht van de diverse commissies treft u aan in rubriek 7
      4 Zie inventarisnummers 2242-2244
      5 Inv.nr. 2143 bevat de plaatsingslijst uit 1941 van het Archief van het gemeentebestuur, 1817-1918, opgesteld door de heer G. van Es.
      6 Inv.nr. 4375

      7 Inv.nrs. 2288 en 5396
      8 "Lijst van voor vernietiging in aanmerking komende bescheiden uit de archieven van gemeentelijke en in¬tergemeentelijke organen, dagtekenende van ná 1850', vastgesteld door de ministers van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en Binnenlandse Zaken d.d. 24 augustus 1983 en in werking getreden d.d. 1 december 1983.
      9 Inv.nrs. 2144 - 2146
      10 Gemeenteraad: inv.nrs. 2320-2458; College B&W: inv.nrs. 2651-2725
       

  • Hele toegang (SSAN052 Inventaris. Archieven van de gemeente Bussum, 1919-1989.)